Toggle navigation

Op 1 maart 2014 gaat in heel Vlaanderen de intersectorale toegangspoort (ITP) van start (na de opstart van de voorstartregio Oost-Vlaanderen op 16 september 2013). Ze regelt voor alle sectoren van integrale jeugdhulp de toegang tot de niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp (NRTJ).

Het proces:

  • Wanneer de cliënt een ondersteuningsnood heeft naar NRTJ vult de contactpersoon-aanmelder samen met de cliënt een A-document in;
  • Dit document bezorgt hij elektronisch aan de ITP van de regio waar de minderjarige gedomicilieerd is;
  • Het proces van indicatiestelling resulteert in het afleveren van een indicatiestellingsverslag met de typemodules die een antwoord bieden op de ondersteuningsnood van de cliënt. Het verslag vermeldt op welke soort hulp het kind of de jongere recht heeft en tot wanneer;
  • De cliënt stroomt door naar jeugdhulpregie. Daar wordt de match gemaakt tussen de vraag (‘geïndiceerde typemodules’) en het aanbod (‘de voorzieningen die een hulpaanbod aanbieden’). Jeugdhulpregie gaat samen met de contactpersoon-aanmelder en de ouders op zoek waar het kind of de jongere terecht kan voor deze hulp.

Aanmelders, typemodules, enz. worden in de tabellen over de ITP per categorie geteld. Het totaal is dus niet gelijk aan de som van de onderliggende categorieën en percentages opgeteld zijn niet 100%.

Aantal indicatiestellingsverslagen die in regie worden genomen

In 2015 zijn 1.115 van de 13.875 kinderen en jongeren met een indicatiestellingsverslag niet opgenomen in regie. Dit zijn mogelijk indicatiestellingsverslagen zonder NRTJ typemodules (kennisgevingsverslagen), indicatiestellingsverslagen waarvan de cliënt niet onmiddellijk hulp wil opstarten (wachtkamer), niet-regisseerbare dossiers, geannuleerde dossiers en overleden minderjarigen. Een dossier is niet-regisseerbaar als cruciale informatie om het dossier toe te wijzen aan een voorziening ontbreekt. Het dossier wordt dan terugbezorgd aan de contactpersoon-aanmelder voor herindicatie.

Tabel: Aantal unieke minderjarigen met een indicatiestellingsverslag in 2015, naar vervolg in regie, naar leeftijd en naar regio
    Antwerpen Limburg Oost-Vlaanderen Vlaams-Brabant-Brussel West-Vlaanderen Totaal %
Geen Regie  Totaal (unieke minderjarigen) 343 285 196 176 115 1.115 8,0
Regie Totaal (unieke minderjarigen) 4.141 1.711 3.004 1.877 2.926 13.615 98,1
  0-5 jaar 840 314 520 336 586 2.587 18,6
  6-11 jaar 1.200 470 833 586 976 4.051 29,2
  12-17 jaar 1.794 813 1.420 824 1.164 5.995 43,2
  18-21 jaar 400 152 280 166 249 1.246 9,0
  plus 21 jaar 2 1 1 1 1 6 0,0
Totaal (unieke minderjarigen)   4.182 1.845 3.031 1.909 2.956 13.875 100,0
%   30,1 13,3 21,8 13,8 21,3 100,0  

Antwerpen heeft het hoogste aantal regiedossiers. De meeste minderjarigen met een regiedossier zijn tussen de 12 en 17 jaar oud.

Aantal jeugdhulpbeslissingen

In 2015 is voor 10.955 unieke minderjarigen een jeugdhulpbeslissing voor niet-rechtstreeks toegankelijke hulp opgemaakt. Het gaat zowel om minderjarigen die in 2015 in regie komen als minderjarigen die voordien in regie kwamen.

Tabel: Aantal unieke minderjarigen waarvoor in 2015 een jeugdhulpbeslissing is opgemaakt, naar sector en naar regio
Sector Typemodule Antwerpen Limburg Oost-Vlaanderen Vlaams-Brabant- Brussel West-Vlaanderen Totaal
(unieke mj)
%
BJB Contextbegeleiding in functie van autonoom wonen 308 78 199 119 150 854 7,8
  Contextbegeleiding kortdurend intensief 178 44 85 61 19 387 3,5
  Diagnostiek in het kader van de bijzondere jeugdbijstand 420 115 246 146 165 1092 10,0
  Kamertraining 233 63 173 67 166 702 6,4
  Verblijf in een pleeggezin [perspectiefbiedend - hoge frequentie] 996 343 569 403 610 2.921 26,7
  Verblijf in een pleeggezin [perspectiefbiedend - lage frequentie] 201 53 96 109 104 563 5,1
  Verblijf in een pleeggezin [perspectiefzoekend] 285 86 195 95 165 826 7,5
  Verblijf in functie van diagnostiek (hoge frequentie) 351 78 239 104 155 927 8,5
  Verblijf in functie van diagnostiek (lage frequentie) 73 4 33 28 22 160 1,5
  Verblijf voor (aanstaande) ouder(s) en kind(eren) (hoge frequentie) 74 16 15 33 32 170 1,6
  Verblijf voor (aanstaande) ouder(s) en kind(eren) (lage frequentie) 29 2   8 8 47 0,4
  Verblijf voor minderjarigen [hoge frequentie] 662 268 542 259 496 2.227 20,3
  Verblijf voor minderjarigen [lage frequentie] 170 35 92 63 92 452 4,1
  Totaal BJB 2.477 867 1.553 992 1433 7.314 66,8
K&G Verblijf voor kinderen [lange duur] 174 30 83 27 37 351 3,2
VAPH (School)aanvullende dagopvang voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 576 291 591 328 524 2.310 21,1
  Behandeling voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 401 319 602 327 510 2.159 19,7
  Behandeling voor minderjarigen met een handicap [middenfrequentie] 271 152 467 293 318 1.501 13,7
  Diagnostiek voor minderjarigen met een (vermoeden van) handicap [hoge frequentie] 102 40 51 42 44 279 2,5
  Mobiele en/of ambulante begeleiding voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 771 451 783 442 679 3.126 28,5
  Schoolvervangende dagopvang voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 582 185 580 333 508 2.188 20,0
  Training voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 476 339 573 314 506 2.208 20,2
  Training voor minderjarigen met een handicap [middenfrequentie] 365 163 448 295 349 1.620 14,8
  Verblijf voor minderjarigen met (een vermoeden van) handicap 85 36 62 48 46 277 2,5
  Verblijf voor minderjarigen met een GES+-problematiek 15 10 16 15 17 73 0,7
  Verblijf voor minderjarigen met een handicap (lage frequentie) 271 131 225 235 289 1.151 10,5
  Verblijf voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 402 228 376 260 312 1.578 14,4
  Totaal VAPH 905 510 894 498 782 3.587 32,7
Alle sectoren    3.449 1380 2.464 1.465 2.208 10.955 100,0
    31,5 12,6 22,5 13,4 20,2 100,0  

Bovenstaande tabel geeft weer voor hoeveel minderjarigen in welke sector hulp is opgestart. Indien voor een minderjarige in 2015 hulp binnen 2 sectoren wordt opgestart, is dit in elke categorie geteld. 32% van de minderjarigen waarvoor een jeugdhulpbeslissing is opgemaakt, woont in Antwerpen. Er zijn beduidend meer minderjarigen die instromen in een BJB-voorziening.

Tabel: Aantal unieke minderjarigen waarvoor in 2015 een jeugdhulpbeslissing is opgemaakt, naar sector waar de hulp werd opgestart en naar gerechtelijk traject
    Totaal unieke mj  
BJB Gerechtelijk 4.038 36,9
Niet-gerechtelijk 3.405 31,1
K&G Gerechtelijk 234 2,1
Niet-gerechtelijk 117 1,1
VAPH Gerechtelijk 592 5,4
Niet-gerechtelijk 3.068 28,0
Alles sectoren Gerechtelijk/ niet - gerechtelijk 10.955 100,0

Bovenstaande tabel maakt een onderscheid tussen minderjarigen in een gerechtelijk of vrijwillig traject. Een minderjarige wordt geteld als ‘gerechtelijk’ wanneer het eerste A-document voor die minderjarige wordt ingediend door de sociale dienst voor gerechtelijke jeugdhulp. Bij Jongerenwelzijn zijn er meer jeugdhulpbeslissingen voor minderjarigen in een gerechtelijk traject. In het VAPH zien we het omgekeerde, met vooral jeugdhulpbeslissingen voor minderjarigen in een vrijwillig traject.

De wachttijd van de minderjarigen voor wie in 2015 hulp opstart, wordt berekend aan de hand van een steekproef van ongeveer 55% (6.852 unieke minderjarigen). De wachttijd is de periode tussen het moment waarop de contactpersoon-aanmelder een voorkeurvoorziening selecteert (status ‘weerhouden’) en de opstart van de jeugdhulp. De belangrijkste verklaring hiervoor is dat er in INSISTO heel wat rechtzettingen in de tijd gebeuren om correcte jeugdhulpbeslissingen af te leveren zodat de effectieve wachttijd niet meer berekend kan worden. De groep minderjarigen voor wie er geen gegevens zijn, bestaat vooral uit minderjarigen voor wie pleegzorg opstart. De pleegzorgdiensten staan immers zelf in voor de regie van de pleegzorg.

Tabel: De gemiddelde wachttijd naar typemodule van een cliënt voor wie in 2015 hulp is opgestart (voor 55% van de minderjarigen die opgestart zijn)
Sector Typemodule Gemid wachttijd (dagen) Totaal
unieke mj
BJB Contextbegeleiding in functie van autonoom wonen 145 531
  Contextbegeleiding kortdurend intensief 79 240
  Diagnostiek in het kader van de bijzondere jeugdbijstand 65 637
  Kamertraining 118 378
  Verblijf in een pleeggezin [perspectiefbiedend - hoge frequentie] 124 1.331
  Verblijf in een pleeggezin [perspectiefbiedend - lage frequentie] 104 285
  Verblijf in een pleeggezin [perspectiefzoekend] 52 503
  Verblijf in functie van diagnostiek (hoge frequentie) 72 608
  Verblijf in functie van diagnostiek (lage frequentie) 55 96
  Verblijf voor (aanstaande) ouder(s) en kind(eren) (hoge frequentie) 45 94
  Verblijf voor (aanstaande) ouder(s) en kind(eren) (lage frequentie) 42 28
  Verblijf voor minderjarigen [hoge frequentie] 118 1.312
  Verblijf voor minderjarigen [lage frequentie] 127 272
BJB Totaal   104 4.258
K&G Verblijf voor kinderen [lange duur] 54 200
K&G Totaal   54 200
VAPH (School)aanvullende dagopvang voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 135 1.623
  Behandeling voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 133 1.496
  Behandeling voor minderjarigen met een handicap [middenfrequentie] 135 1.027
  Diagnostiek voor minderjarigen met een (vermoeden van) handicap [hoge frequentie] 116 180
  Mobiele en/of ambulante begeleiding voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 162 2.117
  Schoolvervangende dagopvang voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 136 1.529
  Training voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 135 1.528
  Training voor minderjarigen met een handicap [middenfrequentie] 144 1.110
  Verblijf voor minderjarigen met (een vermoeden van) handicap 116 173
  Verblijf voor minderjarigen met een GES+-problematiek 162 45
  Verblijf voor minderjarigen met een handicap (lage frequentie) 159 774
  Verblijf voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 150 1.052
VAPH Totaal   143 2.510
alle sectoren   130 6.852

Voor cliënten is de periode op de wachtlijst slechts een deel van de wachttijd. De volledige wachttijd, van de aanvraag van de hulp tot de opstart ervan, staat in onderstaande tabel.

Tabel: Doorlooptijd vanaf aanmelden bij ITP tot opname per sector en gerechtelijk versus niet-gerechtelijk (voor 55% van de minderjarigen die opgestart zijn)
Sector Type Aanvrager 1-10 dagen 11-30 dagen 31-60 dagen 61-90 dagen 91-120 dagen 121 - 365 dagen 1 - 1.5 jaar 1.6 - 2 jaar plus 2 jaar Totaal
unieke minderjarigen 
%
BJB gerechtelijk 1.145 326 308 202 169 472 91 13 3 2.430 35,5
  niet gerechtelijk 740 273 245 150 115 391 82 20 3 1.874 27,3
BJB Totaal   1.867 596 548 350 281 856 171 33 6 4.258 62,1
K&G gerechtelijk 55 26 17 8 7 16 1     130 1,9
  niet gerechtelijk 42 12 6 4 3 1 2     70 1,0
K&G Totaal   97 38 23 12 10 17 3     200 2,9
VAPH gerechtelijk 135 35 58 50 31 108 28 3 1 415 6,1
  niet gerechtelijk 585 298 257 223 137 449 195 64 34 2.125 31,0
VAPH Totaal   702 332 312 273 167 554 220 67 35 2.510 36,6
Eindtotaal   2.650 962 881 635 457 1.420 394 100 41 6.852 100,0
%   38,7 14,0 12,9 9,3 6,7 20,7 5,8 1,5 0,6 100,0  

Bij aanmeldingen vóór de opstart van de intersectorale toegangspoort worden de datum van de centrale registratie zorgvragen (VAPH) of de datum van de centrale wachtlijst (Jongerenwelzijn) gebruikt.

Uit de tabel blijkt dat de meerderheid van de minderjarigen een erg korte wachttijd heeft. In 2015 zijn er evenwel ook ongeveer 535 jeugdhulpbeslissingen opgemaakt voor minderjarigen die meer dan 1 jaar op hulp moeten wachten.

Aantal wachtenden op hulp
Tabel: Wachttijd en aantal unieke minderjarigen aangemeld op een wachtlijst per sector op 31/12/2015
    weerhouden op wachtlijst sinds...
Unieke MJ
gemiddelde wachttijd van… tot 31/12/2015
(dagen)
unieke mj
Sector Typemodule Typemodule t.e.m. 2013 2014 2015 t.e.m. 2013 2014 2015  
BJB contextbegeleiding in functie van autonoom wonen 11 131 327 978 499 177 469
  Contextbegeleiding kortdurend intensief 2 11 194 976 510 136 207
  Diagnostiek in het kader van de bijzondere jeugdbijstand 4 25 341 863 483 131 370
  Kamertraining 6 83 238 1.143 504 168 327
  Verblijf voor minderjarigen [hoge frequentie] 39 363 724 1.017 562 169 1.126
  Verblijf voor minderjarigen [lage frequentie] 2 31 172 1.092 523 150 205
  Verblijf in functie van diagnostiek (hoge frequentie) 4 35 278 863 504 147 317
  Verblijf in functie van diagnostiek (lage frequentie)   1 79   402 134 80
  Verblijf voor (aanstaande) ouder(s) en kind(eren) (hoge frequentie) 1 12 71 847 417 143 84
  Verblijf voor (aanstaande) ouder(s) en kind(eren) (lage frequentie)   1 21   422 112 22
  Verblijf in een pleeggezin [perspectiefbiedend - hoge frequentie] 2 111 293 986 518 163 406
  Verblijf in een pleeggezin [perspectiefbiedend - lage frequentie] 2 36 101 986 528 160 139
  Verblijf in een pleeggezin [perspectiefzoekend] 3 62 219 1.248 498 146 284
BJB Totaal   59 837 2.207 1.005 521 160 3.056
K&G Totaal (verblijf voor kinderen (lange duur)   1 23 218 798 469 161 242
VAPH Mobiele en/of ambulante begeleiding voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 699 1.121 1.264 1.345 555 175 3.084
  Behandeling voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 228 541 1.056 1.377 532 179 1.825
  Behandeling voor minderjarigen met een handicap [middenfrequentie] 216 408 806 1.390 544 188 1.430
  (school)aanvullende dagopvang voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 206 555 1033 1.411 528 177 1.794
  Schoolvervangende dagopvang voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie] 226 524 875 1.400 535 183 1.625
  Diagnostiek voor minderjarigen met een (vermoeden van) handicap [hoge frequentie] 4 37 195 1.027 488 151 236
  Training voor minderjarigen met een handicap [hoge frequentie]] 215 566 1.032 1393 531 178 1.813
  Training voor minderjarigen met een handicap [middenfrequentie] 200 445 798 1.413 540 187 1.443
  Verblijf voor minderjarigen met (een vermoeden van) handicap 5 44 208 994 496 161 257
  Verblijf voor minderjarigen met een handicap (hoge frequentie) 139 375 698 1.402 538 184 1.212
  Verblijf voor minderjarigen met een ges+ problematiek 2 10 25 973 502 211 37
  Verblijf voor minderjarigen met een handicap (lage frequentie) 172 343 601 1.312 536 193 1.116
VAPH Totaal   793 1.629 2.108 1.366 538 185 4.292
Eindtotaal   853 2.470 4.342 1.355 535 178 7.347
Tabel: Gemiddelde wachttijd en aantal minderjarigen aangemeld op een wachtlijst per sector van wachtlijst op 31/12/2015, per regio
    weerhouden op wachtlijst sinds...
Unieke MJ
gemiddelde wachttijd van… tot 31/12/2015
(dagen)
unieke mj
Regio Sector Typemodule tem 2013 2014 2015 tem 2013 2.014 2.015  
OOST_VLAANDEREN VAPH 99 557 404 1.537 560 185 986
  BJB 22 192 508 1.022 504 171 712
  K&G 1 6 54 798 458 160 61
OOST_VLAANDEREN Totaal   122 749 922 1.512 553 181 1702
WEST_VLAANDEREN VAPH 177 263 448 1.311 507 192 853
  BJB 22 185 450 922 549 163 648
  K&G   1 54   448 161 55
WEST_VLAANDEREN Totaal   199 446 905 1.297 518 183 1.502
ANTWERPEN VAPH 386 431 689 1.323 520 192 1.428
  BJB 12 334 698 1.081 519 158 1.021
  K&G   15 77   470 176 92
ANTWERPEN Totaal   398 770 1.407 1.317 520 183 2.458
VLAAMS_BRABANT VAPH 80 126 298 1.398 547 176 481
  BJB 2 89 284 991 525 145 371
  K&G   1 20   531 144 21
VLAAMS_BRABANT Totaal   82 216 580 1.392 543 168 847
LIMBURG VAPH 51 252 271 1.205 553 165 546
  BJB 1 38 267 1.064 470 155 305
  K&G     13     96 13
LIMBURG Totaal   52 290 530 1.204 548 162 841
alle regio's   853 2.470 4.342 1.355 535 178 7.347

Bovenstaande tabellen tonen de momentopname op 31 december 2015 van de wachttijd (vanaf de datum dat de cliënt op de wachtlijst van een voorziening komt) en het aantal unieke minderjarigen die op hulp wachten binnen de niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp. In totaal wachten 7.347 unieke minderjarigen op hulp. Sommige van deze jongeren krijgen reeds hulp maar wachten nog op andere of bijkomende hulp. Een kind of jongere  kan voor meerdere typemodules op hulp wachten. Voor elke totaalcijfer wordt telkens het aantal unieke kinderen en jongeren weergegeven, dit is dus niet altijd gelijk aan de som van de onderliggende categorieën.

Zorgregierapport VAPH minderjarigen

Het zorgregierapport is een aanvulling op het intersectoraal jaarverslag. Het gaat specifiek in op de vraag en geboden ondersteuning aan personen met een handicap. De informatica technische ondersteuning van de processen van de toegangspoort verloopt via INSISTO. De cijfergegevens in dit rapport komen veelal uit de databank die INSISTO genereert. Ze geven de situatie weer op 31 december 2015 of hebben betrekking op de periode 1 januari 2015 tot en met 31 december 2015. Bepaalde gegevens kunnen we (nog) niet vanuit deze databank ontsluiten. We beroepen ons in die situaties op manuele registraties aangeleverd vanuit de regionale intersectorale toegangspoorten (ITP).

Een vraag naar niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp VAPH hulp moet steeds gekoppeld zijn aan minstens één handicapcode. In de A-documenten staan nog niet alle handicapcodes op de juiste plaats waardoor de rapportage nog niet sluitend is per dossier. Dit doet zich voor in op 1 maart 2014 gemigreerde dossiers of omwille van onnauwkeurige  invoer of technische moeilijkheden. Dit betekent geenszins dat de handicapcode niet gediagnosticeerd is, wel dat ze niet gekoppeld is aan de typemodule in het A-document. In de loop van 2016 pogen we deze administratieve onvolledigheden weg te werken en ontbrekende codes in te voeren. Vanaf 2017 zal deze bijkomende rapportage worden geïntegreerd in het jaarverslag over de jeugdhulp.