Toggle navigation

Vergelijk met vorig jaar (2016):

Crisisnetwerken

In 2017 is gestart met het registreren van crisisvragen in INSISTO. Dit biedt voordelen naar koppeling aan gegevens van de toegangspoort en op termijn het uittekenen van trajecten. Het werken met INSISTO houdt een vernieuwde manier van registreren in. Dit bemoeilijkt de vergelijkbaarheid van de huidige gegevens met het verleden.

In INSISTO worden 2 soorten crisisvragen geregistreerd, die niet bij elkaar opgeteld kunnen worden:

  • crisisvragen waar consult afdoende is om de aanmelder en minderjarige verder te helpen. Deze vragen kunnen anoniem gesteld worden en zijn dus per gestelde vraag geteld.
  • crisisvragen, geteld per unieke minderjarige. Dit kan omdat voor iedere crisisvraag waar crisishulp geïndiceerd is, een identificatie aanwezig is. Een uniek kind of jongere kan wel meerdere keren worden aangemeld bij het crisismeldpunt. Zo zijn na consult 955 aanmeldingen geregistreerd als ‘heraanmelding’. Dit geeft een indicatie van het aantal jongeren dat meer dan één keer wordt aangemeld bij de crisismeldpunten.

Crisisvragen

Het totaal van beide soorten crisisvragen is in vergelijking met de vorige jaren ongeveer gelijk, maar dit betekent geenszins dat er evenveel aanmeldingen waren bij de crisismeldpunten. In het verleden werden immers meerdere kinderen uit eenzelfde gezin geregistreerd. Dit gebeurt nu enkel nog wanneer verblijf voor meerdere kinderen uit eenzelfde gezin noodzakelijk is. Indien interventie of begeleiding wordt ingezet, wordt slechts voor 1 kind van het gezin een dossier aangemaakt. De proportionele verschillen tussen de regio’s bekeken, blijkt dat dit voor dispatch en consult meestal gelijk loopt, behalve in Vlaams-Brabant en Limburg. In Vlaams-Brabant wordt er verhoudingsgewijs minder consult ingezet, in Limburg minder dispatching.

Tabel: Crisisvragen per crisismeldpunt
(teleenheid: aanmeldingen / kinderen en jongeren)
  Aanmeldingen % Kinderen en jongeren* %*
Antwerpen 1.731 32,10% 927 27,50%
Brussel 138 2,60% 107 3,20%
Limburg 1.108 20,50% 368 10,90%
Oost-Vlaanderen 860 15,90% 542 16,10%
Vlaams-Brabant 579 10,70% 754 22,40%
West-Vlaanderen 976 18,10% 736 21,80%
Totaal 5.392 100,00% 3.373  
(Bron: INSISTO)
* Door het werken met unieke aantallen per categorie, is het totaal niet gelijk aan de som van de aparte categorieën en zijn de percentages opgeteld niet 100%.

Consultvragen kunnen anoniem aan het meldpunt worden gesteld. Daarom kan enkel voor de kinderen en jongeren voor wie het crisismeldpunt crisishulp noodzakelijk acht, gerapporteerd worden over de leeftijd van de minderjarige.

Er is een stijging van het aantal jongeren ouder dan 12 jaar. Dit lijkt in contrast te staan met de veronderstelling dat crisishulp sneller moet worden ingezet voor kinderen jonger dan 12 jaar, gelet op de veiligheidsaspecten.

Een mogelijke hypothese is dat kinderen jonger dan 12 nog meer terecht kunnen in het eigen sociaal netwerk, waar dit bij pubers en adolescenten moeilijker is. Een andere hypothese is dat er meer vragen gesteld worden binnen RTJ, gezien het ruime aanbod van kind en gezin voor deze doelgroep. In ieder geval worden voor de jongste groep meer verblijf gevraagd, en voor de +12 jarigen meer interventie en begeleiding. Dit ondersteunt de hypothese dat er voor begeleiding rechtstreeks naar kind en gezin  wordt gestapt.

Tabel: Gedispatchte crisisvragen per crisismeldpunt en leeftijd
(teleenheid: unieke kinderen en jongeren)
  Antwerpen Brussel Limburg Oost-
Vlaanderen
Vlaams-
Brabant
West-
Vlaanderen
Totaal* %*
0-5 jaar 218 20 71 101 105 133 622 18,40%
6-11 jaar 194 32 64 103 133 155 677 20,10%
12-17 jaar 520 55 232 339 512 447 2.074 61,50%
18-21 jaar  6 1 1 1 7 2 18 0,50%
Totaal* 927 107 368 542 754 736 3.373  
%* 27,50% 3,20% 10,90% 16,10% 22,40% 21,80%    
(Bron: INSISTO)
* Door het werken met unieke aantallen per categorie, is het totaal niet gelijk aan de som van de aparte categorieën en zijn de percentages opgeteld niet 100%.

Bij de aanmelders zijn er wel een aantal verschuivingen. Toch moet voorzichtig worden omgegaan met het vergelijken van gegevens met het verleden, door de vernieuwde manier van registreren.

Het aantal aanmeldingen door de cliënt (jongere en/of ouders) zelf blijft stijgen en resulteert meestal in consult. De aanmeldingen vanuit geestelijke gezondheidszorg blijven stabiel. Bij de aanmeldingen vanuit medische hoek is er een opmerkelijke stijging. De bekendheid van de crisisnetwerken door de samenwerking met de netwerken Geestelijke Gezondheid Kinderen en Jongeren (GGKJ) en de integratie van beide netwerken zijn hierbij bepalende factoren. Omdat de opstart hiervan in 2016 niet in alle regio’s op hetzelfde tempo verliep en sommige regio’s pas later in het jaar gestart zijn, zet deze stijging zich verder door in 2017. Voor GGZ was deze stijging duidelijk in 2016, dit jaar is dit vooral zichtbaar bij de medische aanmelders.

Op het eerste zicht daalt het aantal aanmeldingen vanuit de CLB’s. Deze kunnen echter indienen vanuit twee rollen in INSISTO: als erkend MDT en als gewone aanmelder. De eerste worden geregistreerd als VAPH, de andere als CLB in bovenstaande tabel. Dit kan een verklaring zijn voor de stijging van het aantal aanmeldingen vanuit het VAPH, en dan blijft het totaal aantal aanmeldingen voor CLB ongeveer gelijk. De daling van aanvragen vanuit de sociale dienst van de jeugdrechtbank heeft te maken met de vernieuwde manier van registeren. Vragen naar verlenging van de crisisjeugdhulp worden niet meer als een nieuwe crisisvraag geteld. Meer details over crisisvragen per crisismeldpunt en aanmelder kan je bekijken in de regionale cijfers.

Tabel: Crisisvragen per crisismeldpunt en aanmelder
(teleenheid: aanmeldingen / kinderen en jongeren)
  Soort crisisvraag
Consult
(aanmeldingen)
% Dispatch
(unieke kinderen en jongeren) *
%*
Andere 230 4,30% 92 2,70%
AWW 337 6,30% 145 4,30%
BJB - SDJ 433 8,00% 826 24,50%
BJB - OCJ 231 4,30% 272 8,10%
BJB - OVBJ/voorziening 193 3,60% 117 3,50%
BJB - andere 257 4,80% 200 5,90%
BJB totaal 1.114 20,70% 1.331 39,50%
Cliënt 810 15,00% 263 7,80%
GGZ 508 9,40% 297 8,80%
Medisch 604 11,20% 374 11,10%
Jeugdrechtbank 20 0,40% 36 1,10%
Parket 16 0,30% 24 0,70%
Politie 272 5,00% 454 13,50%
KG 173 3,20% 119 3,50%
Kinderopvang/school 70 1,30% 37 1,10%
Onbekend 128 2,40% 5 0,10%
Onderwijs 742 13,80% 394 11,70%
VAPH - MDT 178 3,30% 130 3,90%
VAPH - MFC/TB 81 1,50% 42 1,20%
VAPH-andere 64 1,20% 47 1,40%
VAPH totaal 323 6,00% 217 6,40%
Volwassenhulpverlening 23 0,40% 11 0,30%
Voogdij NBBM 22 0,40% 13 0,40%
Eindtotaal 5.392 100,00% 3.373  
(Bron: INSISTO)
* Door het werken met unieke aantallen per categorie, is het totaal niet gelijk aan de som van de aparte categorieën en zijn de percentages opgeteld niet 100%.

Opgestarte crisisjeugdhulp

De modulering van de crisisjeugdhulp legt de verschillen in samenstelling van de netwerken in de regio’s bloot. Zo bestaat in Antwerpen geen crisisbegeleiding, behalve de crisisbegeleiding die crisishulp aan huis (CAH) in de regio biedt. Ook de inzet van crisishulp aan huis en de verdeling over begeleiding en interventie verschilt sterk over de regio’s. Zo heeft CAH in Oost-Vlaanderen een groot aandeel interventies. Het aanbod van de verschillende sectoren verschilt ook sterk over de regio’s, waarbij een bepaald aanbod uniek kan zijn voor één regio (vb. VAPH crisisbegeleiding in Oost-Vlaanderen).

In december is gestart met het onderbrengen van vragen voor crisispleegzorg via het meldpunt. Er zijn 5 opstarten, allemaal voor de jongste leeftijdsgroep (0 tot 6 jaar). Dit zou in de toekomst nog meer een alternatief voor verblijf in een voorziening moeten zijn, zoals het decreet stelt. Zoals de registratie in Antwerpen aantoont, is het echter niet makkelijk om voldoende gezinnen te bieden om aan de vraag voor crisispleegzorg te kunnen voldoen.

De cijfers van 2017 zijn ook hier niet vergelijkbaar met 2016. Het gaat in 2017 over unieke minderjarigen. In het oude registratiesysteem werden jongeren soms meermaals geteld, hetzij omdat ze meermaals per jaar in crisis werden opgenomen, hetzij omdat ze langere tijd in crisisopvang bleven. Crisisverblijf blijft evenwel voor de meerderheid van de minderjarigen de hulpvorm die wordt ingezet.

Ook in de registratie in 2017 kunnen jongeren meermaals voorkomen, met name wanneer ze een combinatie van hulpvormen krijgen. 

Tabel: Inzet crisishulp per crisismeldpunt
(teleenheid: kinderen en jongeren)
    Antwerpen Brussel Limburg Oost-
Vlaanderen
Vlaams-
Brabant
West-
Vlaanderen
Totaal %
Crisishulp aan huis BJB 177 5 68 57 52 64 423 20,60%
Crisispleegzorg BJB 0 0 2 0 0 3 5 0,20%
Crisisinterventie AWW 74 0 0 132 0 1 207 10,10%
BJB 108 15 104 35 69 55 386 18,80%
KG 0 0 0 0 8 0 8 0,40%
Totaal crisisinterventie 182 15 104 164 76 56 597 29,10%
Crisisbegeleiding AWW 0 0 0 6 0 1 7 0,30%
BJB 0 25 83 96 47 36 285 13,90%
KG 0 0 0 0 0 5 5 0,20%
VAPH 0 0 0 7 0 0 7 0,30%
Totaal crisisbegeleiding 0 25 83 108 47 42 303 14,80%
Crisisverblijf AWW 0 0 0 11 0 0 11 0,50%
BJB 288 41 92 140 45 188 792 38,60%
KG 157 1 78 32 53 54 375 18,30%
VAPH 73 9 34 43 20 31 208 10,10%
Totaal crisisverblijf 495 50 193 213 110 260 1.314 64,10%
Eindtotaal 709 71 322 381 225 353 2.050  
% 34,60% 3,50% 15,70% 18,60% 11,00% 17,20%    
(Bron: INSISTO)
* Door het werken met unieke aantallen per categorie, is het totaal niet gelijk aan de som van de aparte categorieën en zijn de percentages opgeteld niet 100%.

Onderstaande tabel toont om welke reden de geïndiceerde crisishulp niet kon worden gerealiseerd. Dit geeft in tegenstelling tot vroeger een gedetailleerder beeld van welk aanbod er tekort was.

Het aandeel aanbod volzet daalt in vergelijking met 2016, maar dit heeft meer te maken met het nieuwe registratiesysteem dan met een drastische daling in de realiteit. De daling voor crisisaanbod die niet aanwezig is in het netwerk, is nog veel groter en geeft wel een juiste trend weer. Deze daalt van 454 naar 20 aanmeldingen. Dit heeft alles te maken met de integratie van de netwerken GGKJ in de crisisnetwerken.

Er zijn wel nog grote regionale verschillen. In Antwerpen wordt vaker gebotst op het ontbreken van een aanbod crisispleegzorg, mogelijk omdat het ook vaker geïndiceerd wordt. Er is ook een groot tekort aan crisishulp aan huis-begeleiding in Antwerpen, Vlaams Brabant en Limburg. In Antwerpen blijft ook crisisinterventie regelmatig niet mogelijk. Voor crisisverblijf is er in de meeste regio’s een tekort.

Er zijn ook redenen bij de minderjarige zelf, zodat de hulp niet kan worden opgestart bij 1/3 van de aanvragen. Zo kan de bereidheid bij de jongere afwezig zijn of wordt de dispatching afgebroken omdat de jongere niet meer vindbaar is of omdat de aanmelder toch nog een andere oplossing heeft gevonden.

Tabel: Aanbod crisishulp volzet
(teleenheid: unieke kinderen en jongeren)
  Antwerpen Brussel Limburg Oost-
Vlaanderen
Vlaams-
Brabant
West-
Vlaanderen
Totaal
Crisishulp aan huis volzet 58 1 22 8 46 6 141
Crisishulp in een pleeggezin volzet 55 0 7 1 0 3 66
Crisisinterventie volzet 75 0 15 2 10 1 103
Crisisbegeleiding volzet 4 1 5 2 7 7 26
Crisisverblijf volzet 160 0 25 15 14 20 230
Totaal 317 3 65 26 71 38 514
(Bron: INSISTO)
Tabel: Geen opstart crisishulp
(teleenheid: aanmeldingen)
  Antwerpen Brussel Limburg Oost-
Vlaanderen
Vlaams-
Brabant
West-
Vlaanderen
Totaal
Relevant aanbod ontbreekt 10 0 0 3 7 3 23
Geen bereidheid 30 5 16 56 34 27 168
Dispatch afgebroken 188 7 20 64 115 88 482
Overloop ITP 36 3 9 10 4 6 68
(Bron: INSISTO)

Het crisismeldpunt kan een versnelde indicatiestelling crisisjeugdhulp (VIST CJ) indienen bij de intersectorale toegangspoort, voor minderjarigen die een dispatch naar verblijf krijgen voor 7+7 dagen en waarbij een terugkeer naar huis volstrekt onmogelijk is.

In INSISTO wordt dit enkel geregistreerd voor de vrijwillige jeugdhulp. De VIST crisissen vanuit de gedwongen hulpverlening worden door de consulent sociale dienst jeugdrechtbank in de vorm van een gewoon A-document (aanmelddocument) ingediend. Vlaams-Brabant scoort hier hoger omwille van een andere registratiewijze, omdat zij als enige regio wel werken met een VIST voor de gedwongen hulpverlening. In Limburg worden opvallend meer aanvragen ingediend voor VIST, in vergelijking met de andere regio’s.

Tabel: VIST CJ naar regio
(teleenheid: unieke kinderen en jongeren)
  VIST crisis (unieke minderjarigen) %*
Antwerpen 20 0,20%
Limburg 44 0,40%
Oost-Vlaanderen 36 0,30%
Vlaams-Brabant & Brussel 41 0,30%
West-Vlaanderen 26 0,20%
Totaal 167 1,30%
(Bron: INSISTO)
* Percentage ten aanzien van het totaal aantal unieke kinderen en jongeren voor wie in 2016 een A-document is ingediend bij de intersectorale toegangspoort per regio.

Er zijn in 2017 160 voorzieningen geregistreerd  voor opvangvragen als mogelijks (107) of verzekerd aanbod (53) achter het meldpunt. Het merendeel (71%) van de opgenomen vragen voor opvang worden vanuit het verzekerd aanbod gerealiseerd en dit voor alle sectoren.

Voor begeleiding zijn er 62 voorzieningen geregistreerd als mogelijks (40) of verzekerd aanbod (22) achter het meldpunt. Het merendeel (89%) van de opgenomen vragen voor begeleiding worden door het verzekerd aanbod gerealiseerd.

Voor interventie zijn er 30 voorzieningen geregistreerd als mogelijks (8) of verzekerd aanbod (22) achter het meldpunt. De interventies worden bijna volledig opgenomen door de meldpunten zelf en de diensten voor crisishulp aan huis (verzekerd aanbod).

Tabel: Aanbod crisisjeugdhulp naar soort crisishulp en type aanbod
(teleenheid: gerealiseerde crisisvragen en aantal voorzieningen)
  Verzekerd aanbod Mogelijks aanbod Totaal
Opvang % Gerealiseerde crisisvragen 71,00% 29,00% 100,00%
Aantal voorzieningen 52 108 160
Begeleiding % Gerealiseerde crisisvragen 89,00% 11,00% 100,00%
Aantal voorzieningen 22 40 62
Interventie % Gerealiseerde crisisvragen 100,00% 0,00% 100,00%
Aantal voorzieningen 22 8 30
(Bron: INSISTO)

Een kleine 30% van de minderjarigen wordt opnieuw aangemeld in hetzelfde jaar en meestal gaat dit over 1-3 heraanmeldingen. Enerzijds is er opnieuw een registratie-effect, door ‘administratieve herindicaties’, om een rechtzetting te doen in INSISTO van een opstart/einde begeleiding. Anderzijds komt een heel aantal jongeren wel weer in de crisisjeugdhulp terecht omdat er zich opnieuw een crisis voordoet. Dit ligt voor een deel aan het feit dat minderjarigen nog aan het wachten zijn op RTJ of NRTJ vervolghulp en er zich in die wachtperiode opnieuw een crisis voordoet. Dit heeft er ook mee te maken dat eens de crisis gaat liggen, de gemaakte afspraken niet steeds worden opgevolgd en er zich op termijn een nieuwe crisis voordoet. 

Tabel: Aantal crisistrajecten
(teleenheid: unieke kinderen en jongeren)
  Aantal crisistrajecten
1 2 3 4 5 6 7 >  7 Totaal 
Aantal kinderen en jongeren 2.462 591 194 73 29 15 2 7 3.373
% 72,99% 17,52% 5,75% 2,16% 0,86% 0,44% 0,06% 0,21% 100,00%
(Bron: INSISTO)

 

 

Diensten crisishulp aan huis

De diensten crisishulp aan huis (cah) zijn erkend voor een bepaald aantal begeleidingen waarbij ze de modules contextbegeleiding (CB) in functie van crisis (crisishulp aan huis), crisisinterventie en crisisbegeleiding aanbieden. Deze drie modules zijn communicerende vaten en worden voor de algemene cijfers als één geheel weergegeven. Ze kunnen enkel op doorverwijzing van een crisismeldpunt.

De module omvat een kortdurende, intensieve en mobiele begeleiding van gezinnen met kinderen en jongeren die zich in een crisissituatie bevinden. Er moet dringend iets gebeuren om een meer ingrijpende maatregel voor een kind of jongere te voorkomen.

De erkende capaciteit voor de diensten crisishulp aan huis wordt uitgedrukt in aantal begeleidingen. De capaciteit is niet gewijzigd ten opzichte van vorige jaren.

Tabel: Erkende capaciteit in modules cah
(teleenheid: aantal erkende modules)
  31/12/2015 31/12/2016 31/12/2017
CB in functie van crisis (RTJ) 582 582 582
(Bron: Domino-Binc)

De bezettingsgraad geeft aan in welke mate de totale capaciteit van een module daadwerkelijk bezet wordt gedurende een bepaalde periode. Dit percentage wordt bepaald door de effectieve inzet te delen door de beschikbare capaciteit in die periode. De gemiddelde bezetting van crisishulp aan huis is 108%. Dit percentage is vergelijkbaar met 2015 (107%), in 2016 kende de bezetting een kleine daling (101%).

Tabel: Bezetting cah
(teleenheid: inzet van modules)
  2015 2016 2017
Crisishulp aan huis 107% 101% 108%
(Bron: Domino-Binc)

In 2017 zijn in totaal 766 dossiers door de diensten crisishulp aan huis geregistreerd. 740 dossiers zijn opgestart en 732 dossiers zijn afgesloten in 2017.

Het aantal dossiers van de diensten crisishulp aan huis vergeleken met het totaal aantal dossiers ingevoerd door alle soorten voorzieningen in Binc (23.770 dossiers), toont aan dat de diensten crisishulp aan huis 3% vertegenwoordigen. Dit is vergelijkbaar met voorgaande jaren.

Een dossier is een aaneengesloten periode van hulpverlening in eenzelfde voorziening voor een kind of jongere. Deze kan opeenvolgend of tegelijk in verschillende organisaties meerdere dossiers hebben. Vandaar dat het zinvol is ook te kijken naar het aantal unieke minderjarigen (op basis van rijksregisternummer) die zijn geregistreerd. Voor alle soorten voorzieningen die registreren in Binc, is er een totaal van 19.626 unieke kinderen of jongeren (ten opzichte van 23.770 dossiers). Voor de diensten crisishulp aan huis is dit een totaal van 707 unieke minderjarigen (ten opzichte van 766 dossiers). Vergeleken met voorgaande jaren, is er opnieuw een sterke stijging. Het aantal dossiers is gestegen met 9% t.o.v. 2016 en 22% t.o.v. 2015. Het aantal unieke kinderen en jongeren is gestegen met 8% t.o.v. 2016 en met 15% t.o.v. 2015.

Tabel: Aantal dossiers en aantal unieke kinderen en jongeren in cah
(teleenheid: dossiers / unieke kinderen en jongeren)
  Opgestarte dossiers Afgesloten dossiers Alle dossiers
Dossiers 740 732 766
Unieke minderjarigen 682 676 707
(Bron: Domino-Binc)

In de meeste afgesloten dossiers is er geen gelijktijdige combinatie met een ander gemoduleerd aanbod binnen integrale jeugdhulp (77%, in 2016 was dit 72%). Vindt doorheen het traject van een kind of jongere wel een combinatie met ander gemoduleerd aanbod plaats, dan is dat meestal met een CLB (6%), een andere voorziening erkend of vergund door Jongerenwelzijn (5%) of een CGG (4%).

Aangezien er meerdere antwoordmogelijkheden zijn, is het totaal in deze tabel groter dan het aantal afgesloten dossiers. Het totaal weergegeven in de tabel is niet gelijk aan de som van de aparte categorieën, omdat het aantal unieke dossiers is weergegeven. De percentages in de tabel zijn vergelijkbaar met die van 2016.

Tabel: Aantal afgesloten dossiers naar combinatie gemoduleerd aanbod cah
(teleenheid: unieke dossiers)
Combinatie met: CAH %*
CAW 4 0,50%
CGG 30 4,10%
CLB 42 5,70%
JWZ 37 5,10%
K&G 10 1,40%
VAPH 9 1,20%
Crisishulpprogramma 17 2,30%
Onbekend 4 0,50%
Niet van toepassing 563 76,90%
Geen eindregistratie beschikbaar 22 3,00%
Totaal* 732  
(Bron: Domino-Binc)
* Door het werken met unieke aantallen per categorie, is het totaal niet gelijk aan de som van de aparte categorieën en zijn de percentages opgeteld niet 100%.

60% van de kinderen en jongeren die een beroep doen op een dienst crisishulp aan huis, zijn tussen 12 en 17 jaar bij instroom in de organisatie. 40% is jonger dan 12 jaar. De tabel toont het aantal unieke minderjarigen met leeftijd bij opstart van het dossier. Ook hier zijn de aantallen zeer gelijkend met 2016.

Tabel: Aantal unieke kinderen en jongeren in cah per leeftijdscategorie (afgesloten dossiers)
(teleenheid: unieke kinderen en jongeren)
  Antwerpen Limburg Oost-Vlaanderen Vlaams-Brabant & Brussel West-Vlaanderen Totaal* %*
0-5 jaar 54 8 18 38 12 130 19,23%
6-11 jaar 45 14 20 39 21 139 20,65%
12-17 jaar 115 73 69 71 77 405 59,91%
18-21 jaar 0 0 0 0 0 0 0,00%
Onbekend 1 1 0 0 0 2 0,30%
Totaal* 215 96 107 148 110 676  
%* 31,80% 14,20% 15,83% 21,89% 16,27%    
(Bron: Domino-Binc)
* Door het werken met unieke aantallen per categorie, is het totaal niet gelijk aan de som van de aparte categorieën en zijn de percentages opgeteld niet 100%.

De gemiddelde begeleidingsduur van de afgesloten dossiers binnen een dienst crisishulp aan huis is 30 dagen, drie dagen meer dan in 2016. 86% van de dossiers zijn afgesloten binnen de 28 dagen. 13% van de dossiers hebben een langere duurtijd. De duurtijd is gesteld op 28 dagen, verlengbaar met twee keer een week. De meeste dossiers binnen de categorie 19-60 dagen zullen dus binnen de vooropgestelde termijn van 42 dagen afgerond zijn. De langere begeleidingsduur heeft te maken met minder uitval en voor de dossiers met verlenging, wellicht vaker verlenging met 2 weken in plaats van 1 week, toe te schrijven aan de complexere problematieken gesignaleerd door de diensten.

Tabel: Begeleidingsduur in cah (van afgesloten dossiers)
(teleenheid: aantal dossiers)
  Aantal dossiers %
0-28 dagen 632 86,00%
29-60 dagen 98 13,00%
61-120 dagen 2 0,00%
121-180 dagen   0,00%
181-365 dagen   0,00%
366-730 dagen   0,00%
>730 dagen   0,00%
Totaal 732 100,00%
(Bron: Domino-Binc)
* Door het werken met unieke aantallen per categorie, is het totaal niet gelijk aan de som van de aparte categorieën en zijn de percentages opgeteld niet 100%.

De diensten crisishulp aan huis kunnen binnen hun aanbod drie modules inzetten. De module die het vaakst wordt ingezet, is contextbegeleiding in functie van crisis (64%). De module crisisinterventie wordt in 28% van de dossiers ingezet en de module crisisbegeleiding in 21% van de dossiers. Deze resultaten liggen in de lijn met 2016. Aangezien een dossier meerdere modules kan bevatten, is de som van de aparte categorieën niet gelijk aan het totaal en zijn de percentages opgeteld niet 100%. Deze crisismodules hebben allemaal een korte duurtijd.

Tabel: Gemiddelde begeleidingsduur in dagen per typemodule in cah (van afgesloten dossiers)
(teleenheid: unieke kinderen en jongeren)
  Begeleidingsduur (dagen)
0-14  15-28  29-60   61-120  121-180  181-365  366-730  > 730  Totaal* %*
CB in functie van crisis (CAH) 41 352 46 0 0 0 0 0 434 64,20%
Crisisbegeleiding (op verwijzing crisismeldpunt) 87 40 16 0 0 0 0 0 141 20,90%
Crisisinterventie (op verwijzing crisismeldpunt) 188 2 1 0 0 0 0 0 191 28,30%
Totaal* 295 393 63 0 0 0 0 0 676  
%* 43,60% 58,10% 9,30% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00%    
(Bron: Domino-Binc)
* Door het werken met unieke aantallen per categorie, is het totaal niet gelijk aan de som van de aparte categorieën en zijn de percentages opgeteld niet 100%.

Onthaal-, oriëntatie- en observatiecentra (OOOC)

Algemeen

Onthaal-, oriëntatie- en observatiecentra (OOOC) zijn erkend voor de modules handelingsgerichte diagnostiek, verblijf in het kader van diagnostiek met gemiddeld een tot drie nachten, verblijf met gemiddeld vier tot zeven nachten en kortdurend crisisverblijf. Alle dossiers stromen in via de toegangspoort, aangezien alle modules niet-rechtstreeks toegankelijk zijn. Met uitzondering van de crisisdossiers, die instromen via het crisismeldpunt of time-out-dossiers, waarbij er tussen voorzieningen afspraken worden gemaakt voor de tijdelijke opvang van een kind of jongere.

De handelingsgerichte en dialooggestuurde diagnostiek van een OOOC is een interdisciplinair besluitvormingsproces, waarbij - op een wetenschappelijk onderbouwde manier - informatie wordt verzameld over de aangemelde problematische leefsituatie om een antwoord te krijgen op volgende vragen:

  • Wat is er aan de hand? Wat is de aard van de problemen die door kind of jongere en de gezinscontext worden aangemeld?
  • Waarom is dit aan de hand? Waarom doen deze problemen zich op dit moment voor?
  • Wat kan er gedaan worden om de gesignaleerde problemen te verminderen of te verhelpen, om tot een meer kansen biedende opvoedingssituatie te komen? Welke stappen hebben minderjarigen en hun gezinscontext reeds ondernomen om tot een verandering in de situatie te komen? Welke ondersteuning hebben zij hierbij nodig?

Aan de hand van diagnostiek komt een OOOC tot een handelingsgericht advies.

Daarnaast hebben alle OOOC een engagement in de crisisnetwerken, onder de vorm van modules crisisopvang en/of crisisbegeleiding. Deze modules kunnen enkel ingezet worden op verwijzing van het crisismeldpunt. Het crisisaanbod van de OOOC zit vervat in hun diagnostiek- en verblijfsmodules. De specifieke cijfergegevens van dit deel, worden weergegeven in het hoofdstuk  over de crisisjeugdhulp in het jaarverslag.

De erkende capaciteit voor de OOOC wordt uitgedrukt in inzetbare modules. De capaciteit van de OOOC is gestegen met vier modules in 2017.

Tabel: Erkende capaciteit in modules OOOC
(teleenheid: aantal erkende modules)
  31/12/2015 31/12/2016 31/12/2017
OOOC verblijf in het kader van diagnostiek (NRTJ) 256 256 260
OOOC diagnostiek in het kader van een problematische leefsituatie (NRTJ) 354 354 358
(Bron: Domino-Binc)
Tabel: Bezetting OOOC
(teleenheid: inzet van module)
  2015 2016 2017
OOOC 90% 89% 90%
Diagnostiek in het kader van de bijzondere jeugdbijstand 89% 89% 90%
Verblijf 91% 88% 89%
(Bron: Domino-Binc)

In 2017 zijn in totaal 1.880 dossiers door OOOC geregistreerd. 1.568 dossiers zijn opgestart en 1.572 dossiers zijn afgesloten in 2017.

Het aantal dossiers van de OOOC vergeleken met het totaal aantal dossiers ingevoerd door alle soorten voorzieningen in Binc (23.770 dossiers), toont aan dat de OOOC 8% vertegenwoordigen. Dit is gelijk aan 2016.

Een dossier is een aaneengesloten periode van hulpverlening in eenzelfde voorziening voor een kind of jongere. Deze kan opeenvolgend of tegelijk in verschillende organisaties meerdere dossiers hebben. Vandaar dat het zinvol is ook te kijken naar het aantal unieke minderjarigen (op basis van rijksregisternummer) die zijn geregistreerd. Voor alle soorten voorzieningen die registreren in Binc zijn er in totaal van 19.626 unieke kinderen en jongeren (ten opzichte van 23.770 dossiers). Voor de OOOC is dit een totaal van 1.556 unieke minderjarigen (ten opzichte van 1.880 dossiers). Vergeleken met de voorgaande jaren, zijn er meer dossiers, maar minder unieke kinderen en jongeren. Dit betekent dat er steeds meer minderjarigen zijn die heropnames kennen in het OOOC. Het aantal dossiers is gestegen met 1% t.o.v. 2016 en met 10% t.o.v. 2015. Het aantal kinderen en jongeren is gedaald met 1% t.o.v. 2016, maar wel 1% meer dan in 2015.

Tabel: Aantal dossiers en aantal unieke kinderen en jongeren in een OOOC (RTJ en NRTJ)
(teleenheid: dossiers / unieke kinderen en jongeren)
  Opgestarte dossiers Afgesloten dossiers Alle dossiers
Dossiers 1.568 1.572 1.880
Unieke minderjarigen 1.275 1.329 1.556
(Bron: Domino-Binc)

Specifieke gegevens over kinderen en jongeren die instromen in een OOOC op verwijzing van het crisismeldpunt

De in 2017 afgesloten dossiers binnen de OOOC waarin enkel een crisisaanbod is gedaan, worden hier weergegeven. In 2017 zijn 587 crisisdossiers afgesloten binnen de OOOC. Dit voor 503 unieke kinderen en jongeren, wat betekent dat een klein deel van hen twee of meerdere dossiers hebben. In 2016 waren het 470 crisisdossiers voor 413 unieke minderjarigen.

Tabel: Aantal afgesloten dossiers en unieke kinderen en jongeren met een afgesloten dossier OOOC RTJ
(teleenheid: dossiers / unieke kinderen en jongeren)
Dossiers 587
Unieke cliënten 503
(Bron: Domino-Binc)
Tabel: Aantal afgesloten dossiers naar combinatie gemoduleerd aanbod OOOC - RTJ
(teleenheid: unieke dossiers)
Combinatie met: OOOC %*
CAW 0 0,00%
CGG 1 0,20%
CLB 0 0,00%
JWZ 6 1,00%
K&G 0 0,00%
VAPH 1 0,20%
Crisishulpprogramma 4 0,70%
Onbekend 1 0,20%
Niet van toepassing 55 9,40%
Geen eindregistratie beschikbaar 519 88,40%
Totaal* 587  
(Bron: Domino-Binc)
* Door het werken met unieke aantallen per categorie, is het totaal niet gelijk aan de som van de aparte categorieën en zijn de percentages opgeteld niet 100%.

80% van de kinderen en jongeren die een beroep doen op het crisisaanbod van een OOOC, zijn tussen 12 en 17 jaar bij instroom in de organisatie. De percentages zijn vergelijkbaar met 2016. De tabel toont het aantal unieke minderjarigen met leeftijd bij opstart van het dossier. 

Tabel: Aantal unieke kinderen en jongeren in OOOC per leeftijdscategorie (afgesloten dossiers)
(teleenheid: unieke kinderen en jongeren)
  Antwerpen Limburg Oost-Vlaanderen Vlaams-Brabant & Brussel West-Vlaanderen Totaal* %*
0-5 jaar 14 0 5 3 17 39 7,80%
6-11 jaar 38 0 9 3 10 60 11,90%
12-17 jaar 219 67 56 20 44 404 80,30%
18-21 jaar 0 0 0 0 0 0 0,00%
Onbekend 0 0 0 0 0 0 0,00%
Totaal* 271 67 70 26 71 503  
%* 53,90% 13,30% 13,90% 5,20% 14,10%    
(Bron: Domino-Binc)
* Door het werken met unieke aantallen per categorie, is het totaal niet gelijk aan de som van de aparte categorieën en zijn de percentages opgeteld niet 100%.

De gemiddelde begeleidingsduur van de crisisdossiers binnen een OOOC is 13 dagen. 98% van de dossiers heeft een begeleidingsduur tussen 0 en 28 dagen. 2% van de dossiers wordt afgesloten tussen de 29 dagen en de 2 maanden.

Tabel: Begeleidingsduur in OOOC (afgesloten dossiers)
(teleenheid: aantal dossiers)
Begeleidingsduur (dagen) Aantal dossiers %
0-28 573 97,60%
29-60 14 2,40%
61-120 0 0,00%
121-180 0 0,00%
181-365 0 0,00%
366-730 0 0,00%
>730 0 0,00%
Totaal 587 100,00%
(Bron: Domino-Binc)

De OOOC bieden het vaakst de module crisisverblijf (op verwijzing van het crisismeldpunt) aan, al dan niet in combinatie met crisisbegeleiding. De module crisisinterventie wordt, op enkele uitzonderlijke keren na, niet aangeboden door de OOOC.

Tabel: Gemiddelde begeleidingsduur per typemodule in OOOC (van afgesloten dossiers)
(teleenheid: unieke kinderen en jongeren)
  Begeleidingsduur (dagen)
0-14  15-28  29-60   61-120  121-180  181-365  366-730  > 730  Totaal* %*
Crisisbegeleiding (op verwijzing crisismeldpunt) 212 75 8 0 0 0 0 0 282 56,10%
Crisisverblijf (op verwijzing crisismeldpunt) 398 96 5 0 0 0 0 0 478 95,00%
Kortdurend crisisverblijf 16 0 0 0 0 0 0 0 16 3,20%
Crisisinterventie (op verwijzing crisismeldpunt) 6 0 0 0 0 0 0 0 6 1,20%
Totaal* 418 109 8 0 0 0 0 0 503  
%* 83,10% 21,70% 1,60% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00%    
(Bron: Domino-Binc)
* Door het werken met unieke aantallen per categorie, is het totaal niet gelijk aan de som van de aparte categorieën en zijn de percentages opgeteld niet 100%.